Projectgegevens

Grasweg 185, 1031 HX Amsterdam

225 m2/m1

Start bouw: 01/07/2025
Opgeleverd: 01/11/2025

Ander type

(Horecapaviljoen)

Hergebruik/herbruikbaarheid:
Componenten of elementen uit bestaande staalconstructies

Ruimtelijk-functionele doel:
Nieuwbouw op basis van (direct) hergebruik

Circulair Paviljoen KAAP, Amsterdam

Wat is er mogelijk is in het ontwerpen en bouwen met eerder gebruikte materialen? Circulair Paviljoen KAAP aan de Grasweg in Amsterdam laat ’t zien. Met een hergebruikspercentage van meer dan 90 procent markeert het paviljoen de overgang van hergebruik als leerzame uitzondering naar hergebruik als norm bij ontwerp en uitvoering van gebouwen.

KAAP maakt deel uit van het gelijknamige woonproject KAAP, dat een vijftal, relatief kleinschalige wooncomplexen omvat op de kop van de Grasweg in Amsterdam-Noord en met uitzicht op het IJ. Het paviljoen is primair café met terras, maar fungeert eveneens als een statement binnen het stedelijk gebied Buiksloterham: hier is te zien en te beleven hoe de bouwkunst écht toekomstbestendig kan zijn. Door het gebouw vrijwel volledig op te bouwen, af te bouwen en in te richten met ‘tweedehands’ materialen die nog goed genoeg zijn voor een tweede leven.

Tweede kans voor staal

Het staalskelet van een voormalige fabriekshal op het nabijgelegen Cruquiuseiland beleeft een nieuwe ronde als stalen hoofddraagconstructie van het paviljoen. Het donorskelet is ditmaal als een exoskelet toegepast. Binnen de contouren van de constructie is het paviljoengebouw geplaatst. Benodigdheden zoals zonwering, zonnepanelen en beplanting zijn aan, op of in het staalskelet bevestigd. De staalconstructie werkt niet alleen als ‘kapstok’ voor gebouwfuncties, maar is tevens bepalend voor de identiteit van het paviljoen: robuust, stoer, met een ruw randje.

In de omhulling van het paviljoengebouw draait ’t eveneens om hergebruik van staal. De gevels zijn aan de buitenzijde bekleed met uit eerder gebruikte stalen golfplaten. De kozijnen, geformeerd uit dubbele deuren, beleven al voor de derde keer een nieuwe toepassing. De tweede keer fungeerden ze als binnendeuren in een paviljoen in Amsterdam. Het dak van Paviljoen Kaap is afgewerkt met eerder gebruikte profielplaten. Het dak wordt gedragen door gelamineerde houten liggers die rusten op de gevels en meerdere houten kolommen.

Ontwerp volgt hergebruik

Hergebruik is vanaf het eerste moment, voortdurend het uitgangspunt en de leidraad geweest van het ontwerp. Het ontwerp is in wezen het direct resultaat van de uitkomsten van het zoeken, oogsten, beoordelen en goedkeuren van herbruikbare elementen en materialen. Bij verschillende hergebruiksopties is steeds nagegaan hoe het ontwerp het best passend te maken is. Startpunt van het ontwerp vormde de staalconstructie van de oude fabriekshal op Cruquiuseiland. Uit deze constructie zijn de elementen compleet en intact gedemonteerd en opnieuw gemonteerd bij het paviljoen.

Voor de nieuwe functie op de nieuwe locatie moesten veel oude elementen wel bewerking ondergaan. Zo bleken de oorspronkelijke stalen liggers te lang voor de nieuwe gebouwenvelop. Bovendien zou de constructie in zijn originele configuratie de nieuwe, hogere belastingen onvoldoende aankunnen. Daarom is het staalskelet in de nieuwe situatie gecombineerd met een constructie van houten liggers, afkomstig uit een voormalig schoolgebouw. Deze constructie biedt de benodigde ondersteuning aan het staalskelet, maar vormt geen hindernis bij eventuele demontage in de toekomst. Voor de stabiliteit van de staalconstructie zijn nieuwe verbanden ingebracht. Om de uitkraging mogelijk te maken, zijn nieuwe trek- en drukstangen toegevoegd.

Klaar voor toekomstig hergebruik

Circulair paviljoen KAAP is ontworpen en gebouwd volgens de methodiek van de Building Circularity Index (BCI). Het paviljoen bestaat uit meerdere lagen (‘S’-en) die onafhankelijk van elkaar functioneren en eveneens onafhankelijk van elkaar zijn te demonteren en te vervangen. De losmaakbaarheidsindex (LI) van het paviljoen komt op 92%. Daarmee is het gebouw ook gemakkelijk te ontmantelen voor bijvoorbeeld herbouw op een andere locatie, al of niet voor een andere functie, of voor hergebruik van de elementen in andere projecten. Van alle hergebruikte materialen is meer dan 70 procent geschikt voor direct hergebruik dan wel recycling.

Het paviljoen bestaat nu voor meer dan 90 procent uit eerder gebruikte elementen en materialen en dat is voor een groot deel te danken aan de interdisciplinaire samenwerking binnen het project: van de architect en constructeur tot de materiaaldeskundige en circulaire sloper en vanaf het prille begin.

Projectpartners

Opdracht

Kop Grasweg CV (AMVEST/COD)

Architectuur

NEXT architects

Constructief ontwerp

Van Rossum Raadgevende Ingenieurs

Hoofduitvoering

Groothuis Bouwgroep i.o.v. Lagemaat Heerde

Demontage

Lagemaat (van donor-fabriekshal)

Staalconstructies

N.v.t.

Fotografie

Jan Mateboer

Ervaringen projectpartners

Welke vorm van hergebruik/herbruikbaarheid van staal is in dit project (het meest) toegepast?
Componenten of elementen uit bestaande staalconstructies
Wat was het voornaamste, overkoepelende ruimtelijk-functionele doel van het hergebruik in het project?
Nieuwbouw op basis van (direct) hergebruik
Wat was de belangrijkste duurzaamheidsambitie of -motief voor hergebruik in het project?

Praktisch aantonen dat het ontwerpen en bouwen met gebruikte materialen haalbaar is.

Hoe is het zoeken en inventariseren van mogelijk herbruikbare staalconstructiedelen verlopen?

In de eerste projectfasen is gezocht naar een mogelijk herbruikbare constructie uit een gesloopte of binnenkort te slopen industriële hal of loods. Uiteindelijk is de staalconstructie van een voormalige fabriekshal op Cruquiuseiland in Amsterdam beschikbaar en geschikt gebleken voor hergebruik in het paviljoen-project.

Uit welke bron(nen) zijn de herbruikbare constructiedelen voornamelijk ‘geoogst’?
Donorskelet / sloopgebouw / -bouwwerk
Was van de herbruikbare constructiedelen voldoende technische informatie beschikbaar?

Ja.

Is bij het beoordelen van de constructiedelen op geschiktheid voor hergebruik, gebruik gemaakt van de 'NTA 8713 Hergebruik van constructiestaal'?
Weet niet
Hoe zijn de kwaliteiten / geschiktheid van de constructiedelen voor hergebruik beoordeeld?

Het gehele ontwerpproces is gekenmerkt door testen, leren en aanpassen. Voorafgaand aan de definitieve bouw heeft het bouwbedrijf de staalconstructie al een keer als proef in zijn geheel opgebouwd.

Hebben de constructiedelen (bij DO of UO) nog bewerking/aanpassing ondergaan, t.b.v. het (veilig en verantwoord) hergebruik?
Ja, op grote schaal (veel/de meeste elementen)

De liggers moesten worden ingekort voor hun nieuwe toepassing. De kolommen dienden ten opzichte van hun oorspronkelijke posities te worden verschoven om het bouwwerk binnen de eigendomsgrenzen te houden. Deze verschuivingen hebben aanpassing van het krachtenverloop gevergd. Om de uitkraging ‘in de lucht te houden’, zijn enkele nieuwe trek- en drukstangen aan de oude constructie toegevoegd. Om het draagvermogen te vergroten, noodzakelijk vanwege de hogere belastingen, is de staalconstructie gekoppeld aan constructie van houten balken.

Hoe is het proces van demontage, transport en eventuele tussentijdse opslag van de constructiedelen in het algemeen verlopen?

Alle elementen zijn als complete, onbeschadigde ‘systemen’ uit de oude constructie gehaald en daarna tijdelijk opgeslagen, ter voorbereiding op een foutloze hermontage.

Is de ‘nieuwe’ constructie op zijn beurt geschikt voor hergebruik in de toekomst?
Ja.

Het paviljoen bestaat uit meerdere lagen die onafhankelijk van elkaar kunnen worden gedemonteerd. De losmaakbaarheidsindex is 92%.

Zijn de (technische) gegevens van de constructiedelen vastgelegd in een materialenpaspoort?
Ja.
Zijn de geometrie van de hergebruikte constructiedelen, de posities in de ‘nieuwe’ constructie en de relaties met andere constructiedelen opgenomen in een (collectief toegankelijk en toepasbaar) 3D-model?
Ja.
In welke mate is binnen uw project sprake geweest van dit onderstaande ‘material driven design’? En hoe heeft u dat beleefd?

De beschikbaarheid, eigenschappen en kwaliteiten van de herbruikbare elementen hebben het ontwerpproces gestuurd en het uiteindelijk ontwerp bepaald.

Bij het ontwerpen o.b.v. hergebruik is een doelmatige samenwerking tussen verschillende disciplines essentieel. Hoe is die samenwerking in uw project georganiseerd en wat zijn daarbij uw bevindingen?

Een intensieve samenwerking tussen verschillende disciplines, vanaf het eerste uur, is bepalend voor relatief grootschalig, succesvol hergebruik. Dat het paviljoen nagenoeg geheel tot stand is gekomen via hergebruik, is mede te danken aan het samenwerken van Lagemaat, als circulaire sloper met een groot assortiment bouwmaterialen, en Groothuis bouwgroep die het paviljoen heeft gebouwd.

Heeft u – op grond van uw kennis en ervaringen in het project – aanbevelingen of tips voor vakgenoten of andere betrokkenen bij toekomstige hergebruiksprojecten?

Zorg voor een hechte, interdisciplinaire samenwerking tussen de projectpartners en ruimte voor het experiment. Wees coulant in de omgevingsprocedure om circulair bouwen een kans te geven. En stap af van traditioneel calculeren, dan wordt hergebruik alleen maar duurder.